Door: Jacco
5 december 2025
De oorlog van links tegen de Nederlander die niemand zo durft te noemen Je hoeft de krant maar open te slaan om te zien wat er gaande is. Niet de gebruikelijke Haagse schermutselingen, geen ideologische twist over belastingtarieven of stikstofnormen, nee, er woedt een politiek conflict dat linkse partijen hardnekkig ontkennen, maar dat steeds zichtbaarder wordt: een oorlog tegen rechts.
En daarmee, onvermijdelijk, een oorlog tegen het merendeel van de Nederlandse kiezer. Terwijl Jesse Klaver met verheven stem waarschuwt voor “instabiliteit” en “blokkadepolitiek”, speelt zich op de achtergrond een veel bekender verhaal af. Al vér voor de verkiezingen hadden partijen als GL/PvdA, D66, het CDA en, laten we eerlijk zijn, de VVD, hele groepen kiezers al buitenspel gezet.
De PVV wordt als politieke paria neergezet. FVD werd weggezet als besmet materiaal. En inmiddels verschuift de toon richting BBB en JA21: vermijden, isoleren, markeren als ongewenst. Alsof dát het nieuwe fatsoen is. Ironisch genoeg komen juist uit deze hoek de luidste pleidooien voor “inclusiviteit”, “verbinding” en “democratische stabiliteit”.

Maar een kabinet waarin je complete stromingen systematisch elimineert, ís geen inclusief kabinet. Het is een technocratische bubbel die zichzelf heeft wijsgemaakt dat zij alleen het morele kompas bezit, een kabinet van uitsluiting, maar dan netjes verpakt in de taal van verbinding. Want één ding vergeten die partijen telkens opnieuw: politiek is geen menu waarop je simpelweg de helft kunt doorstrepen. Kiezers zijn geen storende ruis die je wegfiltert. Het landschap werkt als een boemerang: je kunt hem met kracht weggooien, de PVV hier, FVD daar, BBB misschien straks, maar vroeg of laat keert hij terug. En meestal harder dan je hem hebt weggegooid. Politieke uitsluiting eindigt zelden in stabiliteit; het eindigt in versterking van precies datgene wat men probeerde te onderdrukken. Dus welke coalitie er ook straks op het bordes staat te zwaaien, één ding is zeker: de boemerang is al onderweg.
De echte vraag is veel fundamenteler: staan we aan de rand van een democratie die langzaam rafelt, die stapje voor stapje minder weerspiegelt wat haar burgers werkelijk willen? Of zijn we ongemerkt al een fase verder, in een Europa dat steeds meer trekjes vertoont van iets waarvan we ooit, in een andere eeuw, zwoeren dat we het nooit meer zouden laten gebeuren?
Misschien moeten we het eindelijk durven benoemen: een democratie die de helft van haar eigen volk probeert te neutraliseren, is geen democratie meer. Het is een systeem dat zichzelf in stand probeert te houden, tegen elke prijs. En de prijs wordt, zoals altijd, betaald door de kiezer die slechts één ding vroeg: gehoord worden.
Bron: X – @JaccoJJB
